Waarom dan de pijn?

door Marc

De laatste paar weken van groep 8 verliepen niet bepaald vlotjes. Er waren hoestjes. Er was verhoging en dus het coronatestdilemma. Musicalonrust en conflictjes in de vriendinnengroep. Het was alsof iemand alvast een handvol zand in de tandwielen had gestrooid om het aanstaande afscheid in de soep te laten lopen en het onvermijdelijke tegen te houden. De kinderen waren het in elk geval niet, die snakken allemaal naar de brugklas. Naar die nieuwe fase in hun leven. Nieuwe uitdagingen, vrienden, relaties, naar de weg vooruit.

Terugblikkend kan ik niet anders concluderen dat wij het zelf deden, dat zand. Wij de ouders die het allemaal al eerder hebben meegemaakt. Onze kansen al dan niet gepakt hebben. Wij de wijzen die weten wat er wacht op de kruising van de Volwassenenstraat en de Geenkindmeerlaan. Misschien houd ik daarom zo graag vast aan iets dat zo vertrouwd is als acht jaar basisschool.

Vandaag hebben we de kinderen van groep 8 uitgezwaaid. Het hommeltje dat we 8 jaar geleden aan deze school toevertrouwde vliegt vandaag uit. Of beter gezegd, ze fietst eruit. Het afscheidsthema was namelijk de Tour de France, geïnspireerd door de musical die haar groep een paar dagen eerder uitvoerde. Ander verhaal, maar geloof me als ik zeg dat elk Frankrijk-cliché op heerlijk typische basischool plaatjepraatje-achtige manier werd opgedist.

Hoe dan ook, dat afscheid deed zeer. Toen de oudste uitvloog brak ik op ditzelfde schoolplein in miljoen stukjes. Deze keer vermande ik me. We namen afscheid van leuke adequate leerkrachten en leerkrachten waar de klik – wat zal ik zeggen – minder mee was. De sociale ongemakkelijkheid die dat met zich meebrengt blijft een persoonlijke beproeving en ik sta nog steeds versteld van het jaloersmakende gemak waarmee R. dergelijke momenten oppakt.

Voor de grap besloten we met een paar vaders om ook na de vakantie op maandagmiddag aan de schoolpoort te staan. Zwaaien naar kinderen die we helemaal niet kennen. Dat kan verkeerd begrepen worden en ja, daar kan de politie voor worden gebeld, maar het komt uit een goed hart. (Excuses edelachtbare, we missen de basisschool gewoon heel erg…) Zo houden we het luchtig, maar heel eerlijk? Ook vaders gaan vanbinnen gewoon een heel klein beetje dood bij dat soort momenten. Ze gaan er alleen vanbuiten anders mee om.

Afijn. Ik ben jankend trots op de jongste. Ze heeft de meesters en juffen acht jaar lang laten lachen, op hun nummer gezet als dat even nodig was en verbaasd met haar eigengereide blik op situaties en onrecht. De kleuters die haar wel kunnen opvreten zwaaien haar in plaats daarvan uit, knuffelen haar nog een keer. Zij gaan haar waarschijnlijk nooit meer zien. Wij gelukkig wel. Elke dag weer. Ik zie dat als een grote eer, een met een even grote verantwoordelijkheid. Voor zolang ons samenzijn onder een dak nog mag duren, moet ik er elke millimeter blijdschap en geluk uit zien te persen.