Jongleren met kinderen

door Marc

Ben ik een verantwoordelijk ouder? (Hand-onder-de-kin-emoji.)
Natuurlijk ben ik dat. Elke ouder zegt van zichzelf dat hij of zij verantwoordelijk is.
Onnozele vraag dus eigenlijk. Toch spookt hij wel eens rond in mijn hoofd.

Ik concludeer dan dat ik niet overdreven voorzichtig ben en ik mijn kinderen makkelijk loslaat, wat dat ook mag betekenen. Kinderen hebben ruimte nodig om zich pijn te kunnen doen. Al ben ik niet zo’n stoeiouder. Mag ook niet hè, met die prothese in mijn kop. (Dat is mijn go-to excuus).
Ik ben meer de kaderscheppende wandelende bioscoopbezoekvader die het met zijn kinderen graag heeft over ál die verschillende boeiende opgroeiaspecten die het leven voor hun voeten gooit.

Opgroeiende kinderen kunnen veel van mij leren. Je kan als kind namelijk maar beter een vader hebben die geregeld op zijn bek is gegaan, dan zo’n ‘van-een-leien-dakje’ vader.

Feit is dat ik als kind ook geen stoeier was, eerder een kat uit de boomkijker. Al viel die spreekwoordelijke kat best vaak op mijn spreekwoordelijke smoel. Maar goed. De oudste is ook geen durfal. De jongste wel. Zij leeft volgens de Pipiprincipes. Alles proberen. Het mooiste van onze reis naar de VS vond ze bijvoorbeeld het opstijgen. Ze heeft ook brutale typetjes die ze doet, waaronder een grofgebekte freule, een Limburgse en Dronken Driesje uit Drenthe. Over een maand begint ze met toneel.

Verantwoordelijkheid dus.

De laatste keer dat ik eraan dacht was op de rand van de Grand Canyon. Wade, – de beste verse yoghurtmaker van Arizona die tevens de B&B runt waar we in Williams sliepen – merkte tijdens het opdienen van de yoghurt op dat er dit jaar alleen al 12 mensen zijn omgekomen in de Grand Canyon. Of bij die 12 ook kinderen zijn weet ik niet. Zou me in elk geval niet verbazen, na wat we ter plekke met eigen ogen zagen. Vaders – of beter gezegd uitsluitend vaders – met het kind op de arm die snel een selfie maken op de scherp gehoekte rand van de canyon. Ik heb de stapjes achteruit gezien. Nog ‘n stapje. Nog een. Nog een. Niks pieppiep, zoals je auto. Een stapje te ver en je flikkert kansloos 1,5 km naar beneden. Gelukkig hebben we dat zelf niet gezien.

Melissa – de vrouw van Wade, die trouwens ooit op een Dude Ranch werkte en met gasten paardenritten over de prairie maakte, maar dat terzijde – hield van de ontzetting een hand voor haar mond en knikte nee, nee toen we vertelden over onze ervaringen. Ze wist ervan. Sommige moeders die hier in de B&B overnachten trekken het niet daar, zei ze. Met daar bedoelde ze de Grand Canyon. Moeders zien al die ouderlijke achteloosheid gebeuren met een steen in hun hart. Een moederhart verdraagt dat niet, zei ze.

De selfie kan een sluipmoordenaar zijn. Kijk beste thuisfront en lieve Instagramvolgers die ik niet ken. Dit zijn mijn zoontje en ik op de rand bij Yavapai Point. Tof hè? Diep hè? Nou. Kijk, dit zijn mijn zoontje en ik een seconde voordat ik een stap teveel zette. En dit zijn wij op een stuk rots uit het paleoceen nadat ik een stap teveel zette. Ik probeerde nog een selfie onderweg te maken, maar sohee wat we waren we snel beneden zeg.

Je kind loslaten doe je als je kind voor het eerst alleen naar school fietst, niet bij een afgrond. Afijn. Het mag duidelijk zijn. In mijn gezin heerst valangst. Taferelen van de ‘met zijn kind jonglerende vader’-act bij een afgrond, raken ons precies in het hart van die angst. Het zou trouwens iedereen in die angst moeten raken, maar blijkbaar verwacht de vader die geen angst kent hetzelfde van zijn kind. Wordt ie een kerel van of een stoer wijf, ik hoor het ze denken.

Weet je wat ik denk? Twaalf dode mensen. Twaalf. Onnodig. Dode. Mensen.

Advertenties