Klop, klop! Wie is daar? De deadline

door Marc

Even was ik weer de student die op zondagmiddag verward wakker schiet uit een kater. Sloddervosserig, met de stank van het zoveelste bacchanaal nog om hem heen. De nachten sliepen slecht. Vijf, zes, misschien wel zeven keer zat ik rechtop in bed. En met de achtste keer begon de eerste dag. Terwijl ik prutserig reikte naar de tandenborstel, bedacht ik de haren die er niet meer zijn voor de herinnering slordig overeind. Ik waggelde doelloos door het huis, aangestuurd door een onbestemd gevoel. Ergens in me drukte iets. Het porde en trok. Ik wilde vooral dat het ophield.

Het was de nawee van de reis.
En de nawee wilde alles uitstellen. Verfrommelen. Doorknippen.
Vooral de werkdraad.

Mijn plan om tijdens de vakantie niet te werken was met vlag en wimpel geslaagd. Gewoon geen laptop meenemen. Poepsimpel. Oké, mijn mobieltje was er wel en dus ook mijn mail, want die had ik doorgelinkt. Als startende freelancer kan ik het niet maken om vragen en interesse 4 weken lang onbeantwoord te laten. Overigens had ik mijn belangrijkste contacten ruim voor mijn vertrek ingelicht. En niet onbelangrijk, mijn out of office stond aan. Nieuwe opdrachtgevers had ik logischerwijs niet geïnformeerd. Ik bedoel, dat kan niet eens. Al is het wel leuk om Nike bijvoorbeeld – ik noem maar wat – een berichtje te sturen met de boodschap dat Marc de copywriter de komende 4 weken niet aanwezig is, maar wel gewoon zijn mail lees en beantwoordt.

Je weet het niet hè.

Mijn mobieltje dus. Een beetje gewerkt heb ik dus toch. Via een omweg, dan telt het niet. Mailtjes van nieuwe opdrachtgevers beantwoorden is overigens – en ik kan het niet vaak genoeg zeggen – van levensbelang voor de startende zelfstandige. Ook als je 13 uur vliegen verderop zit. Werkverschaffing trekt zich niets aan van tijdsverschil. En je maakt het mee, terwijl ik vier weken lang mijn echte leven ontvlucht, hengel ik met 9 uur tijdsverschil wel dus gewoon drie nieuwe opdrachten binnen.

Dan sta je toch anders in je vakantie.

Hengelen is één, in de boot krijgen is twee. En als het lukt oogst je trots. Het resultaat is dat de eerste 3 weken van Puik Verhaal’s agenda direct ná terugkomst propvol zijn gepland. Dat klinkt misschien alsof ik daar last van heb en ik hoor je al denken: wat zeur je nou, dat is luxe man! Klopt. Dan is het extra ontzettend jammer dat mijn jetlag en ik in een doorschuif- en uitstelmodus staan. Het steentje in mijn schoen.

Uiteindelijk concludeer ik snel na terugkeer dat mijn kop nog te vol zit met onverwerkte indrukken en ervaringen. Wat logisch is, een roadtrip zorgt immers voor een voller hoofd dan twee weken slungelen op een camping. Die indrukken moesten er in elk geval eerst uit, maar ook daar had ik de eerste twee dagen na terugkomst geen bal zin in.

Dat fijne herinneringen ook moeten worden opgeruimd om plaats te maken voor de alledaagse dingen en hun gang van zaken is tot daaraantoe, maar ik vond het eigenlijk wel prima dat ze zo pontificaal voorin in mijn brein zaten. Dopamine is een bitch wat dat betreft, zeker als je brein erom bekend staat gevoelig te zijn voor dergelijke stimuli.

Kortom; accepteren en jammer dan denken. De zindering van de mooie herinneringen en ik besloten gezamenlijk dat de alledaagse gang van zaken nog maar een dagje langer geduld moest hebben. Wat beter is voor mijn brein is beter voor mijn werk en dus beter voor het werkresultaat. En dát is uiteindelijk het beste uitstelargument denkbaar. Maar leg dat maar ’s uit aan de deadline.

 

PS Inmiddels heb ik een Instagramaccount geopend om de indrukken en ervaringen in op te ruimen. Wil je plaatjes van de reis zien, check dan @theroadandthetrip op Instagram.

 

Advertenties