OMG! De middelbare school!

07A7FCB4-E704-41AA-878D-FE99AADCA2AC.jpeg

Ons gezin bezocht de open dag van een middelbare school in de buurt. Letterlijk 200 meter ten noorden van de klapbrug over het kanaal. Traditioneel is de open dag die ene dag in het jaar dat meneer of mevrouw rector zijn of haar comfort zone verlaat om zijn of haar school te verkopen aan kritische ouders.

In dit geval heet meneer rector ons welkom aan de deur. Het ongemak is schattig om te zien. Gekleed in een ietwat te grote pantalon en jasje (ik weet het, onbelangrijk) staat de beste man naast een tafeltje met daarop in een waaier neergelegde insteekmappen, waarop een ver-over-de-datum-logo ons toelacht. In de map blijken A4-vouwfoldertjes te zitten waarop de kernwaarden van de school in hobbytekstjes verder worden uitgelegd.

Welkom in 1992.

Het gevoel dat we er maar beter op tijd bij kunnen zijn heeft ons danig in de greep. De oudste zit weliswaar pas in groep 7, maar de schoolomstandigheden waarmee hij verder moet ná de basisschool komen in zijn geval nauw. Tijdige research is noodzakelijk.
Een belangrijke plus hebben we inmiddels al ontdekt. Persoonlijke ondersteuning en gepersonaliseerd leren staan steeds hoger op de agenda, althans op die van de scholen die wij bezoeken.

Wij zijn hier zonder precies te weten welk schoolniveau hij aankan. Al hebben we wel een vermoeden. Hij vertelt je dolgraag alles over de VOC, specerijen en werelddelen. Hij is fantastisch expressief. Zijn fantasie kent geen grenzen en hij is ontzettend talig zonder uit te blinken in spelling en grammatica. Hij is het type kind dat in zijn hoofd avonturiert op een of andere bosplaneet die hij heeft bedacht, terwijl de rest van de klas aandachtig naar de juf luistert. Fantasie is onvoorstelbaar belangrijk, maar opletten in de klas ook. Net als concentratie.

In hem zie ik mezelf. In wat hij leuk vindt om te doen en wat niet. Het graag in je eigen spel zitten en geen motivatie hebben om te leren omdat je hoofd altijd iets anders leuker vindt. Intrinsieke motivatie is een dingetje bij hem. Zeg maar een DING. Voor z’n bosplaneet gaat hij door het vuur. Voor de voltooid verleden tijd niet. Daarin is hij niet uniek en ik hoop van harte dat de middelbare school hem een ongelofelijke duw in de goede richting gaat geven. En dan is er nog de dyscalculie.

Zetten we laag in dan wordt het traject waarschijnlijk lang (zie mijn traject, wat ik hem niet gun) of zetten we hoog in en sluit hij wellicht kort? En wat wil hij? En waar gaat hij op zijn plek zijn? Want een ding weten we zeker: als hij het leuk heeft ontstijgt hij zichzelf. Het tegenovergestelde is ook waar.

Je zou voor veel minder wakker liggen.

Ik heb hem geobserveerd tijdens de open dag. En zoals ik net al zei, we lijken op elkaar. Samen leefden we op bij maatschappij, aardrijkskunde, geschiedenis, muziek. We klapten dicht bij wiskunde. Letterlijk. Via het boek dat op tafel lag. Pats. Dicht. Ieks! Formules!

Op alle scholen waar ik zat werd ik toegesproken met ‘er zit meer in jou dan eruit komt’. Zelf zag ik dat anders. Of beter gezegd, als het er al in zat wist ik in elk geval niet waar. En ik wist ook al snel dat als het er al in zat, ik degene was die het eruit moest krijgen. Geen enkele leraar heeft namelijk ooit de vinger kunnen leggen op wat dat dan was, dat ‘meer’. Dan blijft het toch een beetje geblinddoekt tasten in het donker.

En dus wordt de weg die je aflegt wel heel lang en onzeker. Die lange weg heeft mij uiteindelijk veel opgeleverd en achteraf is elke weg die je volgt logisch en de enige weg. Voor mij is die weg een bron van inspiratie. Zou ik nu bijvoorbeeld van beroep een logistiek planner zijn dan had ik veel tijd verspild.

Het liefst zou ik hem die weg besparen. Behalve als hij filmregisseur wil worden. Of iets anders creatiefs. Dan kan de weg niet lang genoeg zijn. Maar ik wist als tienjarige ook niet dat ik tekstschrijver zou worden. Zo blijft het ondanks de ronkende hyperenthousiaste open dag-verhalen van leraren en rectoren toch gewoon tasten in het duister.