Heb Het Er Maar Over

doorgaans de waarheid

Fulmineren

IMG_8158

Een (lang) tussendoortje.

Rutger Bregman schreef – een tijdje terug alweer – een beargumenteerd stuk op De Correspondent over jager/verzamelaars en hoe de denkbeelden van de filosofen Rousseau en Hobbes ons denken en handelen als maatschappij tot op de dag van vandaag duiding geven.

Kostte me een half uur om het stuk te lezen. Dat kwam overigens door de lengte, niet door de inhoud. Bregman weet als geen ander hoe je complexe materie op lekenniveau schrijft.

De grap is dat ik Rousseau noch Hobbes kende.

Na het lezen van Bregmans stuk kom ik tot de conclusie dat het concept ‘bezit’ ons als mens niet per se aangenamer heeft gemaakt in de omgang. Bregman beargumenteert via Rousseau en Hobbes de verschillen tussen de mens als nomade en de mens als eigenaar van land. Volgens Bregman neigt de mens aan de basis veel meer naar Rousseau, maar leven we door bezit in de denkbeelden van Hobbes.

Bezit, macht, invloed, narigheid. Samenwerking uit eigenbelang, aldus Hobbes.

Typisch zo’n stuk waar je van weet dat er gedonder van komt. Ik bedoel maar, een ietwat linksig filosofisch relaas op een medium als De Correspondent; de journalistieke vergaarbak van wat de rechterkant bestempelt als De Gutmenschen. Menselijk gedrag typeren via filosofie en historisch gefriemel raakt nu eenmaal een gevoelige snaar.

Op Facebook is het dan al snel struikelen over de reacties, waarbij de Wet van Godwin veelvuldig wordt aangehaald. Godwin kende ik overigens ook niet. Nu wel.

Zijn wet luidt: Naarmate online-discussies langer worden, nadert de waarschijnlijkheid van een vergelijking met de nazi’s of Hitler tot 1.

Algemeen gesteld mogen we ervan uitgaan dat van een semi-populistische stelling – hoe goed onderbouwd deze ook is – zelfverklaarde erudiete wijsneuzen gaan briesen en schuimbekken. Dan gaan de priemende vingertjes van allesbeterwetend Holland wijzen naar mensen als Lubach en Bregman.

Want: mensen die intellectuele verhandelingen begrijpelijk maken voor de massa, zagen blijkbaar aan de poten van de ‘ware intellectuele elite’. Opeens begrijpt ook de massa hoe we bijvoorbeeld als mens in elkaar steken en is die kennis niet meer alleen weggelegd voor de ‘werkelijk’ hoger opgeleiden.

Stel je voor dat ik – een overigens ontzettend middelmatige bachelor – jou de les leest over zwaargewichten als Rousseau en Hobbes, in de context van het huidige politiek-maatschappelijke speelveld. Opeens snap ik iets waar jij 10 jaar voor hebt moeten studeren. Dat zuigt. En daar waar ik de details vermijd omdat ik ze niet ken, strooi jij ze rond als confetti. Puur en alleen om mij de mond te snoeren.

De reacties zijn voorspelbaar. Het lijkt op wat Trump doet. Fulmineren. Media als De Correspondent marginaliseren en tegelijkertijd oreren dat jij – meneer Snob – de materie wél begrijpt en doorziet. Strooien met ingewikkelde quotes en kretologieën. Zonder verdere uitleg, want het gepeupel begrijpt het toch niet, dus waarom zou je het uitleggen?

Dat is makkelijk zeg. En op z’n eigen manier valt een dergelijke reactie net zo goed binnen de Wet van Godwin. Maar dan zonder de nazi’s en Hitler. In een online discussie over Godwin, zelf de Godwin-kaart trekken.

Terug naar bezit en macht. Over nazi’s gesproken.

We zien het elke dag gebeuren. De systeembanken (Ralph Hamers van de ING). Ongestraft blunderen en frauderen, ivoren torens, stuitende arrogantie, wapenwetten, lage belastingen voor bedrijven, populisme en oorlog.

Altijd weer die oorlog.

Het meest treffende voorbeeld woont in het Witte Huis. De Trump-entourage. De apenrots. De verdeel en heers-ideologen. De stank van alfa-apen die alleen andere alfa-apen aantrekt. Blanke mannen met dubbele agenda’s. Narcistische dommeriken die verblind door hun lust naar macht en het voortdurend schaduwdansen, allang alle gangbare morele drempels voorbij zijn.

Dan lees ik over onsterfelijkheid. Over nazi’s gesproken. Hoe lang moest dat Derde Rijk ook al weer bestaan? Minstens 1000 jaar, toch? Onsterfelijkheid wordt me een game changer van heb ik jou daar! Even los van de medische kant, ik noem bijvoorbeeld celverjonging. Stel het is uiteindelijk technisch mogelijk om het bewustzijn te digitaliseren. Dan zal ergens in de tijd een keerpunt ontstaan, een moment waarop de eerste mens zijn of haar onsterfelijkheid in de palm van zijn of haar hand houdt.

Het is moeilijk om daar nu al een waarde aan te geven, maar ik kan me goed voorstellen dat het net als ruimtevaarttoerisme en privé-eilanden uitsluitend weggelegd is voor de rijkste 1% van de wereld. Als je het überhaupt al wilt. Al zie ik het zo’n Jeff Bezos van Amazon wel doen eigenlijk. Onsterfelijkheid en het ego zijn een match made in heaven.

Voor de lozers dobberend in de zee is die onsterfelijkheid onbetaalbaar. Ik stel me voor hoe ik op mijn sterfbed hoor dat Elon Musk net zijn bewustzijn heeft laten overzetten in de processor van een exoskelet. Dankzij die bonus van 2,6 miljard, vul ik in. Het komt neer op het volgende: Ik zal sterven, hij niet. Die ongelijkheid zou zomaar kunnen ontstaan. Niet dat ik nou per se onsterfelijk wil zijn, maar als de mogelijkheid er is, wil ik wel kunnen kiezen om het juist niet te zijn.

Een keuze hebben is vrijheid. Bezit en macht onthouden ons al eeuwenlang van die echte vrijheid.

Aan de andere kant, als je 40 jaar van je leven hebt moeten zwoegen voor de rijkdom van een ander, heb je – denk ik – nul interesse in zoiets als onsterfelijkheid. Dan wil je rust, alleen maar rust. En die ander, die jou al die tijd heeft laten zwoegen, die gaat geheid wel voor een eeuwig gespreid bedje.

En dat alles omdat ooit iemand heeft bedacht dat je een stukje grond kunt pakken en dat eigendom kunt noemen. Je zet er een hekje omheen, harkt het netjes aan en maakt anderen duidelijk dat ze er met hun poten vanaf moeten blijven. Daarmee is het verschil tussen leven en dood, en die tussen rijk en arm alleen maar vergroot.

Enfin.

Genoeg voer voor de elite om mij te wijzen op mijn gebrekkige inhoudelijke kennis en mijn kort-door-de-bocht-geschrijf. Dus geachte allesbeterweter, ik stel voor dat je jouw anonieme online reactie op z’n Godwins opent met ‘Vuile nazi’. Hebben we dat tenminste gehad. Daarna mag je fulmineren wat je wilt (en mijn punt bevestigen). Alvast bedankt!

Advertenties

Busje kwam zo

 

FullSizeRender

Een jaar lang stond dezelfde pakketbezorger bij ons aan de deur. Overigens kan het ook langer dan een jaar zijn geweest. Er zitten wat gaten in mijn herinnering. Hoe dan ook hobbelde elke werkdag tussen 11 en 12 uur een witte Mercedes Sprinter door de straat. Stopte bij nummer 17, wel eens bij 31, dan weer bij 16 en steevast bij 6. De Sprinter – voor wie het niet weet – is een onhebbelijk lang voertuig dat ik nooit in een straat zag keren.

Hij belde regelmatig bij ons aan, als een huisvriend waar we de naam niet van wisten. Vriendelijk, maar kort van stof. Soms met een irrelevante opmerking. Meestal geen. Het hoogst noodzakelijke. Van mijn leeftijd.
Passeerde de temperatuur de 20 graden, dan droeg hij zo’n nette PostNL-short. Ook pakketjes voor de buren namen we aan. Ik was veel thuis in die tijd en hij wist dat. Die zag de helm die ik destijds droeg heus wel en later – toen de helm weg was – het litteken. Die legde de verbanden ook wel.

Lang geleden was ik ook pakketbezorger, al liep ik veel liever met de briefpost rond. Veel minder tijdstress. Ik reed zo’n felrood Mercedes 100-busje, met een haperende schuifdeur in de zij. Een behendig voertuig waar ik voortdurend het uiterste van vergde. Ik moest wel, van mij werd verwacht dat ik 28 pakketten per uur rondreed, zonder GPS, inclusief handtekeningen ontvangen en het afhandelen van de rembours.

Dat was geen doen.
Na anderhalf jaar liep ik een maagzweer op. Ik verdroeg niet eens water.
Of ik een stressvolle baan had, vroeg mijn huisarts.

Beetje vreemd vond ik het wel, dat in onze straat altijd dezelfde bezorger kwam. Na een paar maanden voelde het als voor altijd. Vreemd, omdat het al jaren rommelt bij PostNL. Het gevolg van marktwerking, zoals Sander Heijne het zo treffend beschrijft in zijn boek Er zijn nog 17 miljoen wachtenden voor u.
Enfin.
Wurgcontracten en al dus. Toen ik nog pakketten rondreed zette het gerommel bij de post voor het eerst in. De oude PTT-rotten schmierde bij de baas voor vut-regelingen of diensten die hen verzekerde van werk. Zij zagen de naderende apocalyps heus wel.

Laat het maar duidelijk zijn. Het mooie beroep postbode is vermoord door marktwerking en social media. Kansloos als de antilope met in zijn kielzog een troep leeuwen.
Ik moest er ook uit, net als de meeste jaarcontractwerknemers. Locatieassistentmanager H. – die met mij begaan was omdat ik hem altijd tegemoetkwam als het ging om ‘het correct en tijdig afhandelen van zekere administratieve handelingen’ – wist een PTT-pakketbezorgbaan voor me te regelen in Hoensbroek. Hoensbroek!? Had ik geen in. Om 6 uur in Hoensbroek beginnen betekende voor mij om 4.30 uur opstaan. Ik zag dat als een signaal en vertrok via de zoveelste omweg naar Tilburg.

Maar goed, onze bezorger in het hier en nu, was van ons en zelfs als ik hem toevallig ergens anders in de stad tegenkwam, begroetten wij elkaar vriendelijk. Met een hoofdknikje.

Op een dag stopte een rammelend en gedeukt wit zzp-busje voor onze deur. En een week later weer een ander – ook wit – busje. Eentje met roestplekken en een touwtje aan het handvat van de achterklep. En elke keer zat iemand anders achter het stuur. Soms een gast in een trainingspak. Soms een die geen oogcontact maakte. Soms een op badslippers. I shit you not. 

PostNL had onze bezorger van ons afgepakt. Of beter gezegd, weggeflext.
Zo voelde het.
Dat is verandering. Houd ik niet van. Afblijven. Laat wat goed en bewezen succesvol is met rust. Probeer eens niet een kwartje te bezuinigen. Luister @PostNL! Investeer in de relatie met je klant! Investeer in sociaal bekwame bezorgers. Niet in mensen die bedreigd worden met het stopzetten van hun uitkering als ze niet onmiddellijk een baantje accepteren. Bij wijze van spreken.

De houvast die een bekend gezicht mij aan de deur geeft, mag onder geen enkele voorwaarde worden onderschat. Onder. Geen. Enkele. Voorwaarde. De wederzijds respectvolle en vriendelijke verstandhouding die wij met onze pakketbezorger hadden is – kortom – letterlijk de straat uit gesaneerd. Zo suddert het langlopende PostNL-arbeidsconflict lekker door tot aan de voordeur van een klant (die niet van verandering houdt).

En bedankt!

%d bloggers liken dit: