Heb Het Er Maar Over

Vertelt doorgaans de waarheid

Waarom dan de pijn?

De laatste paar weken van groep 8 verliepen niet bepaald vlotjes. Er waren hoestjes. Er was verhoging en dus het coronatestdilemma. Musicalonrust en conflictjes in de vriendinnengroep. Het was alsof iemand alvast een handvol zand in de tandwielen had gestrooid om het aanstaande afscheid in de soep te laten lopen en het onvermijdelijke tegen te houden. De kinderen waren het in elk geval niet, die snakken allemaal naar de brugklas. Naar die nieuwe fase in hun leven. Nieuwe uitdagingen, vrienden, relaties, naar de weg vooruit.

Terugblikkend kan ik niet anders concluderen dat wij het zelf deden, dat zand. Wij de ouders die het allemaal al eerder hebben meegemaakt. Onze kansen al dan niet gepakt hebben. Wij de wijzen die weten wat er wacht op de kruising van de Volwassenenstraat en de Geenkindmeerlaan. Misschien houd ik daarom zo graag vast aan iets dat zo vertrouwd is als acht jaar basisschool.

Vandaag hebben we de kinderen van groep 8 uitgezwaaid. Het hommeltje dat we 8 jaar geleden aan deze school toevertrouwde vliegt vandaag uit. Of beter gezegd, ze fietst eruit. Het afscheidsthema was namelijk de Tour de France, geïnspireerd door de musical die haar groep een paar dagen eerder uitvoerde. Ander verhaal, maar geloof me als ik zeg dat elk Frankrijk-cliché op heerlijk typische basischool plaatjepraatje-achtige manier werd opgedist.

Hoe dan ook, dat afscheid deed zeer. Toen de oudste uitvloog brak ik op ditzelfde schoolplein in miljoen stukjes. Deze keer vermande ik me. We namen afscheid van leuke adequate leerkrachten en leerkrachten waar de klik – wat zal ik zeggen – minder mee was. De sociale ongemakkelijkheid die dat met zich meebrengt blijft een persoonlijke beproeving en ik sta nog steeds versteld van het jaloersmakende gemak waarmee R. dergelijke momenten oppakt.

Voor de grap besloten we met een paar vaders om ook na de vakantie op maandagmiddag aan de schoolpoort te staan. Zwaaien naar kinderen die we helemaal niet kennen. Dat kan verkeerd begrepen worden en ja, daar kan de politie voor worden gebeld, maar het komt uit een goed hart. (Excuses edelachtbare, we missen de basisschool gewoon heel erg…) Zo houden we het luchtig, maar heel eerlijk? Ook vaders gaan vanbinnen gewoon een heel klein beetje dood bij dat soort momenten. Ze gaan er alleen vanbuiten anders mee om.

Afijn. Ik ben jankend trots op de jongste. Ze heeft de meesters en juffen acht jaar lang laten lachen, op hun nummer gezet als dat even nodig was en verbaasd met haar eigengereide blik op situaties en onrecht. De kleuters die haar wel kunnen opvreten zwaaien haar in plaats daarvan uit, knuffelen haar nog een keer. Zij gaan haar waarschijnlijk nooit meer zien. Wij gelukkig wel. Elke dag weer. Ik zie dat als een grote eer, een met een even grote verantwoordelijkheid. Voor zolang ons samenzijn onder een dak nog mag duren, moet ik er elke millimeter blijdschap en geluk uit zien te persen.

De natte spijkerbroek

De jongste gaat na de zomervakantie naar de middelbare school. Groei laat zich niet tegenhouden hè. Als ouder laat je los totdat je handen leeg zijn en tenslotte laat het leven jou los. Grootser dan dat ga je het niet treffen.

That’s life en dat tilt soms best zwaar. Bijvoorbeeld elke keer als ik mijn kinderen een beetje verder zie vervagen en veranderen in jong volwassenen. We weten waar dat op uitdraait. Inderdaad. Een eigen leven. Doei pap, tot ooit een keer! Ja ik beloof af en toe eens langs te komen. Je verjaardag? Ik app je, oké? Hou van jou!

Ik ben een slecht voorbeeld. Het had mij gesierd als ik mijn ouders later in hun leven vaker had bezocht. Dat bijt. Ergens wist ik dat al. Ik heb dat veel te lang voor lief genomen. Komt nog wel, dat idee. Nou nee dus. Het leven houdt van ironie dus bijt mijn falen mij nu grandioos in de reet. Het komt allemaal neer op ordinair afscheid kunnen nemen en daar ben ik nooit goed in geweest. Zoals ik al zei, dat tilt soms best zwaar.

Afijn. De jongste had onlangs een kennismaking op haar nieuwe school (ouders waren niet welkom) en daar had ze ontiegelijk veel zin in. Want groep 8 is doodsaai, de juf is – tja, wat zal ik ervan zeggen? – niet haar vriendin en de musical zit er inmiddels zo ingestampt dat ze de tekst van alle andere kinderen foutloos souffleert. Ergo, in groep 8 viel bij voorbaat al weinig te halen. Een jaar is dan heel lang.

Haar brugklas daarentegen lijkt een lot uit de loterij. Vijf klasgenoten van groep 8 (waaronder haar BFF) en een vriendin van toneel zitten bij haar in de klas. En eerlijk, dat is maar heel even belangrijk, want je weet hoe dat gaat in de brugklas. Na twee weken zal de vriendinnenportfolio flink uitgebreid zijn en verwacht ik dat van de vijf klasgenootjes alleen haar BFF blijft hangen.

Wij de ouders werden diezelfde avond pas op school verwacht. Zie je trouwens hoe handig ze de kinderen al scheiden van de ouders? Heel subtiel. Ze rukken de pleister er gewoon af, met alle onderliggende haren.

In de aula loodste ene Ruud ons door een ellenlang relaas over laptophuur, ‘iets dat militair getest was’, ‘het nieuwste van het nieuwste’ en de rest van de jadajada. Na zijn tweede ingestudeerde grap dwaalde mijn aandacht af en was ik weer heel even terug in 1987. Daar zat ik. In de schoolbank. In een zeiknatte strakke Edwin, nergens zin in, te dagdromen met blauwe rillippen. Sommige dingen zijn er voor altijd, aangespoord door de context.

Ik heb nu 6 jaar tijd om me voor te bereiden op het volgende afscheid. In potentie is dat het op een na grootste afscheid dat er is. Het onvermijdelijke ‘uit huis gaan’, het ‘op kamers gaan’. Godweet gaat ze filosofie studeren in Groningen. Kan hè. Of toegepaste wiskunde in Madrid. Al zet ze voorlopig in op een carrière als cabaretière en – ik heb het opgezocht – daar is in de buurt ook een opleiding voor. Kwartiertje met de trein. Niks mis mee. Just sayin’. Hoe dan ook is zij over 6 jaar een jonge vrouw met een fantastische toekomst voor de boeg en ben ik een vader met verlatingsangst die zijn tranen wegknijpt.

%d bloggers liken dit: