Heb Het Er Maar Over

Vertelt doorgaans de waarheid

Heel even pijnlijk, daarna een sterk verhaal…

De oudste en een klasgenoot vertrokken vroeg in de ochtend. Het was een studiedag en dus teveel tijd om in te vullen. Voor een puber is vroeg in de ochtend op een niet-schooldag elk tijdstip na 12 uur. Ze hadden vage plannen, ’n richting hadden ze. Meer niet. Twee avonturiers op krakkemikkige fietsen met daarop een lijf dat wil bewegen. Een lijf dat onvermoeibaar is totdat het dat niet meer is. De richting was oost.

Een bijna 14-jarige heeft niet veel nodig om ergens een missie van te maken. Een vaag idee. Een verzinsel, een dagdroom. Een raadsel om op te lossen. Wie de film Stand By Me heeft gezien begrijpt het punt. Met al het mooie van het leven in de rug peddelden ze door de binnenlanden van Brabant. Zij aan zij. Voor even verlost van het gezeur en gezemel van bezorgde ouders of dwingende schoolbanken.

Het werd een dag om ooit lachend aan terug te denken. Zijn opa zou trots zijn geweest. Opa fietste in twee dagen naar Zandvoort, sliep onderweg langs de weg en vertelde daar regelmatig over. Dat is wat ik wil zeggen. Zandvoort was zijn opa’s ‘brood in de krant gewikkeld’-moment. Zijn ‘drinken bij de waterput’-herinnering. En niks geen mobieltje voor de bereikbaarheid. De generatie van de oudste heeft een pinpas, een Doppler en Whatsappt elke 5 minuten een statusoverzichtje plus puberhilarisch videootje door.

Ze peddelden vanuit Tilburg richting Eindhoven. Verwonderden zich op z’n stads over dorpen als Moergestel en Best en rolden ergens diep in de middag via de noordkant de stad in. Daar schrokken ze van het PSV-stadion, wat logisch is als het enige stadion dat je van dichtbij kent het Willem II-stadion is. Bij de Action scoorden ze een tube zelfbruiningscreme (for real?) en een oliesjeikkostuum om na het weekend naar school aan te trekken. Gewoon, voor de grap.

Puberhumor; het eerste dat je als volwassene kwijtraakt.

Op de terugweg reed de oudste lek. Omdat de fietsreis onaangekondigd plaatsvond, voelden wij ons niet verplicht hem op te pikken. Regel het maar. Bel maar ergens aan. Vraag om hulp of wandel terug. Punt is dit. Ouders die jou ophalen en terug naar huis brengen? Dat wordt nooit een boeiend verhaal, hoe leuk je het verder ook aankleedt. Het zelf oplossen wel. Het is een herinnering die ze diezelfde ochtend in gang hadden gezet, die ze zelf samen creëerden en samen moesten volbrengen. Laat het dan maar even spaak lopen. Dat is maar heel even pijnlijk, maar meteen daarna wordt het een sterk verhaal.

Casual chique

Ik ga het hebben over ‘interpretabilisme’, en dan vooral over de multi-variant ervan. Mocht je niet weten wat ik bedoel; met name mensen die regelmatig bepaalde woorden anders of verkeer interpreteren lijden eraan. Soms ligt het aan de lezer van het betreffende woord zelf, vaker nog aan de schrijver ervan. Door een bepaald woord of kreet bewust te kiezen, overschat je de intrinsieke kennis van de lezer.

Neem bijvoorbeeld de aanduiding ‘casual chique’.

Dat kan natuurlijk van alles betekenen. De scheidslijn tussen casual en chique is niet hard. Bovendien, de factor ‘invulling’ speelt een beslissende rol. For the record, het stond op de huwelijksuitnodiging van mijn schoonzus en zwager. Ook for the record; ik ben ooit getrouwd in een spijkerbroek. In Las Vegas. In de spijkerbroek van mijn ex. Daar ligt mijn lat betreffende chique in de context van de huwelijksceremonie.

Casual chique dus. Hoe moest ik dat zien? Er stonden geen plaatjes bij. Dan ga je jezelf vragen stellen. Nee wacht, laat ik eerst even door mijn kledingkast bladeren. Daarin vind je pak ‘m beet 400 t-shirts, een paar houthakkershemden, wat spijkerbroeken. Twee grijze pantalons. Drie paar sneakers. Een paar Vans. Een paar DocMartens. En een colbertje inclusief naadrafelslijtage dat ik ooit in een tweedehandskledingwinkel heb gekocht. Plus een paar schoenen die mogelijk voor chique door kunnen gaan, maar al twee jaar uit staan te drogen onder de cd-opbergkast.

Dat is heel veel casual en nauwelijks chique.

Komt bij dat ik een tikkeltje rebels wordt als er iets van mij ‘verlangd’ wordt. Het voelt al snel als ‘iets opgedragen krijgen’. Ik ben er niet trots op, maar tijdens militaire dienst heb ooit een weddenschap tussen twee pelotoncommandanten gesaboteerd door de gevechtsbaan tragisch traag over te tijgeren en en passant de loop van de Uzi vol zand te kruipen waardoor ik deze voordat ik kon vuren eerst nog moest schoonmaken. Mijn peloton werd laatste, weddenschap verloren. Zelden heb ik mijn achternaam zo vaak in een zin gehoord.

Terug naar mijn kledingkast. Onder zachte, goedbedoelde druk van R. heb ik op het hoogtepunt van de beslisstress A. de verkeerde schoenpoets gekocht om de uitgedroogde leerlappen die al 2 jaar onder de kast staan te regenereren. B. een nieuw hemd besteld dat niet matchte met de pantalon. En C. een moment overwogen om mijn complete kledingcollectie in de fik te steken. Wat betreft kledingkeuze legt R. de lat vele malen hoger dan ik.

Dan de feestdag zelf. Interpretabilisme – zoals ik al zei – heeft een multivariant. De meeste gasten bleken bijlange niet zo te hechten aan de casual chique-wens van het bruidspaar. Ik zag gympen. Ik zag spijkerbroeken. Er waren mismatches. Oftewel; heel veel casual. Het multi-interpretabilisme had gewonnen. Petje af zou ik zeggen, ware het niet dat ook een pet als casual wordt gezien en ik – de onmiskenbare petdrager die ik ben – tijdens dit zeldzame petloze moment geen pet droeg ter afname.

%d bloggers liken dit: