Heb Het Er Maar Over

Vertelt doorgaans de waarheid

The Battle

file-21.jpeg

Er diende zich een studiedag aan. Weer een. Een halve deze keer, want woensdag. Het toeval wil dat in het raam van de school een enthousiaste oproep hangt. Of we willen battelen tegen een ander stadslint. Ik snapte de vraag niet. Battelen ken ik van horen zeggen, maar het stadslint is mij onbekend.

Het blijkt allemaal om zwerfafval te gaan. En een lint is een straat met middenstand. Had ik kunnen weten. Ergo een vieze straat in de wijk, duwt potentiële klanten ongewild naar het centrum van de stad. De mens is gevoelig voor de rommel die hij niet zelf maakt. Niet dat het in het centrum zoveel schoner is. Wel drukker. Dan springt de rommel minder in het oog.

Omdat alle beetjes helpen en omdat ik een leefbaar en schoon wijkcentrum belangrijk vind, schrijf ik mezelf en de twee in. Niets te kiezen. Meedoen. Basta.

De oudste zegt #*%%#omme, want hij denkt dat het de hele dag duurt.
De jongste maakt een dansje.
Maar we hebben thuis geen prikkers!, roept ze angstig.
Die krijgen we, zeg ik geruststellend.

De prikkers blijken grijpers te zijn. We staan op de plek waar normaalgesproken Vishandel Timmers staat. Die is er vandaag niet. De rest van de weekmarkt is er wel. Organisator Fons van businesshub Den B. is superenthousiast. Grote glimlach, joviale hand op de schouder. Je kent dat wel. De beste man duwt ons wat oranje hesjes, grote gele afvalzakken en grijpers in de hand.

Alles gaat erin. Bierblikjes, weedzakjes, een poepluier, plastic flesjes en verpakkingen. Talloze verpakkingen. Een mens zou om minder deemoedig worden. Ik moest denken aan mijn posttijd, toen we elke ochtend opnieuw die zakken tegen heug en meug openden, de post sorteerden en op postcode staken. Ook de post bleef maar komen. En bleef maar komen en bleef maar komen. Totdat social media en e-mail kwam. Afijn, ander verhaal.

De rommelconcentratiezones in de buurt zijn de twee coffeeshops en de supermarkt. Wij focussen op de alcoholistenhoekjes bij de buurtgymzaal, een van de subdomeinen van de rommelconcentratiezone. Daar is het makkelijk scoren. Geen idee hoeveel van die hoekjes in het andere lint zitten, maar wij hebben er wel maar mooi twee te pakken.

De school ligt er om de hoek. Leuk hoor, deze zwerfavalactie, maar waarom niet eens een van de drinkende mannen uitnodigen om over zijn leven te laten vertellen? Ik bedoel, ze zijn er toch. En ze hebben de verhalen. Afijn, ook dat is een ander verhaal.

We slenteren met onze gele zakken verder. De focus van de kinderen raakt zich langzaam maar zeker kwijt. Zo gaat dat. Onze zwerfvuilgrijpteamgenoten aan de overkant van de straat krijgen een compliment van N. die daar een nagelstudio heeft.
En wij dan? gilt de jongste naar de overkant.
Jullie ook toppie hoor, roept N. en steekt haar duim omhoog.

Negentig minuten houden we het vol. Dat zijn drie volle vuilniszakken, acht complimenten en fotootje voor het Brabants Dagblad.

Waar kan ik deze leggen, vraagt de oudste. Ik dacht dat het een colasmaak had, zegt hij. Dit is vies.
Hij laat ons allemaal de salmiakbal zien die hij net van Fons heeft gekregen. Het papiertje houdt hij geheimzinnig vast. En op het moment dat hij denkt dat niemand het ziet legt hij het op de hoek van de tafel. In het zicht van de wind die met vlagen naar binnenglipt om rondslingerend vuil naar buiten te lokken.

Ho’s chef, zeg ik. Dat papiertje. Ik wijs. We hebben net bijna twee uur zwerfafval geraapt, ik bedoel. Snap je? Hertenogen kijken me aan. Denk je dat ik dom ben of zo, lees ik erin.

Diep van binnen hoop ik dat de verbazingwekkende hoeveelheid lege en halfvolle stinkende bierblikjes in hun geheugen gegrift staan. Dat ze doen wat goed is. Iets over respect. Ergens hoop ik dat, want het brein van het kind is vooral kortetermijnerig. Maar ook prima in staat de wijze lessen van zijn ouders te bewaren voor later. Voor als ze later zelf kinderen hebben. En een stadslint om schoon te houden.

Advertenties

Van lezen word je moe

FullSizeRender.JPG

Ik las onlangs over taal en waarom lezen wel of niet belangrijk is. Er stond geschreven dat onze samenleving afhankelijk is van taal. We zijn een getekstualiseerde samenleving volgens bijzonder hoogleraar Adriaan van der Weel van de Universiteit Leiden.

Kijk, dat is nog ‘s serieuze taal. De man orakelde over hoe je brein leert van het lezen van verrassende teksten. Hoe het je brein creatief en adaptief maakt. Hoe het je brein voorbereidt op de rest van je leven. Hoe je moet oplossen en hoe je met de onvermijdelijkheid van een bepaalde uitkomst leert leven.

Lezen en schrijven helpt je met het verplaatsen in een ander. En je leert er beter door denken. Een vaardigheid die menigeen lijkt te ontberen. Als je leest ontcijfert je brein letters, woorden en zinnen. Dat maakt lezen vermoeiender dan bijvoorbeeld kijken. Je brein zoekt naar begrip. Houvast. Aangezien hersenen altijd op zoek zijn naar nieuwigheid, voed je de hersenen door te lezen, letterlijk.

Ergens anders las ik een blog van ene Geert Kimpen. Hij leert werknemers zichzelf beter leren kennen door ze eerlijk en open over hun leven te laten schrijven. Hij leert ze dat tegenslag je juist menselijk maakt, niet zwak. En door dat verhaal over je tegenslag te delen, onderscheid je je van de rest.

Verhip, dat is wat ik hier al een paar jaar doe. Herkenbaar dus. Ik geef me bloot en stel me kwetsbaar op. En het maakt me onaantastbaar, want het is wie ik ben. Daar kun je van vinden wat je wilt, het verandert niets aan wie ik ben. (In een interview met Beau van Erven Dorens – notabene – las ik over een vergelijkbare emotie. De beste man jankt om alles. Dat is best verfrissend om te zien.)

Beide stukken spreken zich – zij het elk op andere wijze – uit vóór lezen en schrijven. Maar ook voor verhalen. Nu is het niet zo dat alles in het leven om verhalen draait. Al kun je overigens wel alles in het leven vertalen naar een verhaal. Feit is dat we allemaal ons eigen verhaal zijn en op die manier met elkaar verbonden zijn. In de verhalen herkennen we elkaar. Als mens neigen we naar elkaar. Dat is mooi. Zo kunnen we meer begrip creëren. En begrip voor elkaar houdt de boel doorgaans op de rails.

Maar wie niet goed leert lezen en schrijven zal grote moeite hebben om zoiets als een betoog te begrijpen, zal moeite hebben met studeren, zal moeite hebben met het ordenen van informatie, zal moeite hebben om verhalen te begrijpen voor wat ze zijn. En zal in een op taal en schrift gestoelde samenleving zijn plek maar met moeite in kunnen nemen.

En wie leest en schrijft (en dus begrijpt) zal de boel – waaronder vooral zijn of haar eigen leven – veel minder snel verkloten. En beter nog, het leven van een ander net zomin.

%d bloggers liken dit: